Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

Osmotische fragiliteit van erytrocyten

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
osmotische resistentie
Officiële naam:
Osmotische fragiliteit van erytrocyten
Verwante testen:

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om na te gaan of bloedarmoede wordt veroorzaakt door de erfelijke ziekte ‘hereditaire sferocytose'.

Welk materiaal?

Bloed

Monster

Wat wordt getest?

De test bepaalt bij welke zoutsterkte de rode bloedcellen (erytrocyten) kapot gaan. De erytrocyten uit het bloedmonster worden in verschillende zoutoplossingen gebracht waarbij de hoeveelheid zout per liter (zoutsterkte) in de verschillende oplossingen afneemt. Vanaf een bepaalde (lage) zoutsterkte vullen de erytrocyten zich met water waardoor ze opzwellen. Normaal heeft een erytrocyt de vorm van een ingedeukt schijfje, maar door het opzwellen worden ze kogelrond. Als de zoutsterkte heel laag wordt, nemen de erytrocyten zoveel water op dat ze kapot gaan. Als de erytrocyten bij een hogere zoutsterkte kapot gaan dan de zoutsterkte waarbij gezonde erytrocyten kapot gaan, is er sprake van verhoogde osmotische fragiliteit. Dit kan veroorzaakt worden door hereditaire sferocytose, een erfelijke aandoening met een defect in de bouw van de rode bloedcellen. Door het defect gaan de rode bloedcellen in het bloed kapot, dit kan spontaan gebeuren of bijvoorbeeld na een infectie. Als gevolg hiervan kan er bloedarmoede (anemie) ontstaan. In medische termen is er sprake van ‘hemolytische anemie'.

Een andere, wat gevoeligere test is de AGLT test (acidified glycerol lysis time). Hierbij worden de erytrocyten in een zure oplossing gebracht en wordt vervolgens gemeten binnen hoeveel tijd de erytrocyten kapot gaan.

In laboratoria waar onderzoek wordt gedaan naar heriditaire sferocytose vinden vaak beide onderzoeken plaats; zowel de zoutsterktetest als de zuurtest.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

De test wordt uitgevoerd bij verdenking op de erfelijke aandoening hereditaire sferocytaire hemolytische anemie. Er zijn echter meer aandoeningen die gepaard gaan met hemolytische anemie. Daarom zal bij verhoogde osmotische fragiliteit er altijd nader specifiek onderzoek moeten plaatsvinden om de diagnose hereditaire sferocytose definitief te kunnen stellen.

Wat betekent de uitslag?

Normaal

Gezonde rode bloedcellen gaan pas kapot bij een zoutsterkte die veel lager is dan de zoutsterkte in het bloed.

Verhoogd

Er is sprake van een zogeheten verhoogde osmotische fragiliteit als de erytrocyten bij een hogere zoutsterkte kapot gaan dan de zoutsterkte waarbij gezonde erytrocyten kapot gaan. Soms wordt in plaats van ‘verhoogde osmotische fragiliteit' gesproken van een ‘verlaagde osmotische resistentie', maar dat betekent hetzelfde. Verhoogde osmotische fragiliteit is een aanwijzing voor de erfelijke aandoening hereditaire sferocytaire hemolytische anemie.

Verlaagd

Omgekeerd is het ook mogelijk dat de erytrocyten een veel lagere zoutsterkte kunnen weerstaan dan gezonde rode bloedcellen. In dat geval is er sprake van verlaagde osmotische fragiliteit (of verhoogde osmotische resistentie). Dit komt voor bij patiënten met bloedarmoede door ijzergebrek of een beenmergaandoening, maar niet bij hereditaire sferocytose.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 01-11-2014

Terug Terug naar het overzicht