Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

Lymfocytensubtypering

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
Officiële naam:
Lymfocytensubtypering
Verwante testen:
lymfocyten, diff, WBC, compleet bloedonderzoek

In vogelvlucht

Waarom deze test?

De test wordt uitgevoerd om ziekten te onderzoeken waarbij het afweersysteem betrokken is. Dat kunnen bijvoorbeeld infecties of ontstekingen zijn. Ook wordt de test uitgevoerd om bepaalde soorten bloed- of lymfeklierkanker op te sporen.

Welk materiaal?

Bloed of beenmerg

Monster

Wat wordt getest?

De test meet het aantal en de soort lymfocyten in het bloed of beenmerg. Ook kunnen de verschillende ontwikkelingsstadia van de lymfocyten gemeten worden.Lymfocyten zijn één van de vijf verschillende soorten witte bloedcellen (leukocyten). Lymfocyten worden gevormd in het beenmerg. Na rijping tot actieve cellen bevinden ze zich in het bloed, met name in het lymfestelsel. Ze vormen een belangrijke component van het immuunsysteem.Van de lymfocyten bestaan ook weer verschillende soorten cellen met elk een andere functie. We onderscheiden: B-lymfocyten (B-cellen), T-lymfocyten (T-cellen) en Natural Killer Cellen (NK-cellen).

  • B-lymfocyten zorgen voor de zgn. humorale afweerreactie van het lichaam. Ze worden steeds vers aangemaakt in het beenmerg. Na rijping tot plasmacellen produceren ze antistoffen tegen lichaamsvreemde stoffen, zoals bacteriën, virussen en allergenen.
  • T-lymfocyten zorgen voor de zgn. cellulaire afweerreactie. Ze spelen o.a. een belangrijke rol bij de afweerfunctie van de B-cellen en de reactie van antistof met antigeen lichaamsvreemde stof.
  • Killer-cellen: lymfocyten en macrofagen die cellen herkennen waaraan zich bepaalde antistoffen hebben gebonden. Na herkenning maken ze de cellen door afscheiding van cytokinen onschadelijk.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Bloed uit een ader

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

Beenmerg

Er zijn twee methoden om beenmerg te verzamelen, een biopt of een aspiraat. Een beenmerg-aspiraat wordt afgenomen door met een dikke holle naald in het bot van de heup of in het borstbeen te prikken. Met een spuit wordt dan beenmerg opgezogen uit het bot. Bij een beenmerg-biopt wordt met klein soort appelboortje een staafje bot en beenmerg uit het bot geboord.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

De test kan worden uitgevoerd als de dokter vermoedt dat er een stoornis in het immuunsysteem is. Soms wordt de test gedaan wanneer er sprake is van een HIV infectie (AIDS). Ook wordt de test toegepast om het effect van een AIDS behandeling te volgen. Als de dokter wil onderzoeken of er sprake is van bloedcelkanker (leukemie) of lymfeklierkanker (lymfoom) kan er een lymfocytensubtypering nodig zijn. Bij de behandeling van deze ziekten wordt de test regelmatig herhaald.

Wat betekent de uitslag?

Omdat er vele typen lymfocyten zijn die ook nog eens in verschillende ontwikkelingsstadia kunnen voorkomen, in bloed en in beenmerg, is het onmogelijk om normaalwaarden (referentiewaarden) te vermelden.Wanneer er normale celtypen voorkomen in normale aantallen dan is er over het algemeen geen sprake van een ziekte. Wanneer er afwijkingen worden gevonden dan kan dat een aanwijzing zijn voor een niet goed functionerend afweersysteem en ziekten die daarmee samenhangen.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 06-07-2011

Terug Terug naar het overzicht