Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

Tumormerkers

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
Tumormarkers
Officiële naam:
tumormerkers
Verwante testen:
AFP, CA 15-3, CA 19-9, CA 125, CEA, PSA, thyreoglobuline, occult bloed, VMA, catecholamines, prolactine

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om kanker zo vroeg mogelijk te kunnen opsporen, om uitzaaiing vast te stellen, om de ernst van een tumor te beoordelen en om het effect van een behandeling te volgen.

Welk materiaal?

Bloed, urine of weefselpreparaten.

Monster

Wat wordt getest?

De test meet de hoeveelheid tumormerker in bloed, urine of weefselmateriaal. Tumormerkers zijn stoffen, meestal eiwitten, die door het lichaam gemaakt worden als reactie op kanker of die door de kanker zelf gemaakt worden. Sommige tumormerkers zijn kenmerkend voor één soort kanker, andere komen voor bij verschillende soorten kanker.

Veel bekende tumormerkers zijn ook aantoonbaar bij andere aandoeningen dan kanker en zijn dus niet geschikt voor het vaststellen van kanker. Er zijn maar enkele goed omschreven tumormerkers die routinematig door artsen worden aangevraagd.

Veel tumormerkers bevinden zich nog in het stadium van wetenschappelijk onderzoek en hun bruikbaarheid is nog niet in alle situaties goed onderzocht. Zelfs het gebruik van een uitgebreid onderzochte tumormarker als Prostaat Specifiek Antigeen (PSA) voor bevolkingsonderzoek bij oudere mannen staat nog zeer ter discussie. Sommige mensen hebben een verhoogd risico op bepaalde soorten kanker, doordat ze een genetische mutatie hebben geërfd. Er zijn tests waarbij gezocht kan worden naar zo'n genetische mutatie om de kans op een bepaald type kanker in te schatten. Deze tests worden echter niet tot de tumormerkers gerekend. BRCA1 en BRCA2 zijn voorbeelden van genmutaties die samenhangen met een verhoogd risico op een erfelijke vorm van borstkanker of eierstokkanker.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Bloed:

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

24 uurs urine:

Na het opstaan moet de blaas eerst helemaal leeg worden geplast. Vanaf dat moment wordt alle urine 24 uur lang verzameld in een speciale fles, ook die van de nacht. Na 24 uur moet ook de laatste urine worden opgevangen. Begin- en eindtijd moeten worden genoteerd. Daarna wordt de fles zo snel mogelijk afgeleverd bij het laboratorium. De fles moet steeds in de koelkast worden bewaard. Alle informatie staat in een folder die wordt meegegeven.

Weefsel:

Voor onderzoek in weefsel wordt een klein stukje weefsel (biopt) weggenomen.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

Het aantonen van een tumormerker alléén is niet voldoende om vast te stellen of iemand kanker heeft. Tumormerkers kunnen echter zinvolle informatie geven bij:

  • Ondersteuning diagnose: Als een patiënt symptomen van kanker heeft, kan het aantonen van een tumormerker helpen om de bron van de kanker op te sporen. Een voorbeeld is CA125, een tumormerker die gebruikt wordt als hulpmiddel bij de diagnose van eierstokkanker.
  • Onderzoek naar uitzaaiing: Als een patiënt kanker heeft, kan de hoeveelheid tumormerker gebruikt worden om te helpen vaststellen of de kanker is uitgezaaid naar andere weefsels en organen.
  • Bepalen van prognose: Sommige tumormerkers kunnen gebruikt worden om te bepalen hoe agressief een kanker is.
  • Behandeling: Sommige tumormerkers geven informatie over het effect van een behandeling. Bijvoorbeeld, patiënten met borstkanker die positief zijn voor Her2/neu reageren beter op een behandeling met Herceptin®.
  • Vervolgen behandeling: Tumormerkers kunnen worden gebruikt om de effectiviteit van een behandeling te vervolgen. Als de hoeveelheid tumormerker daalt, dan werkt de behandeling goed. Als dat niet gebeurt, moet de behandeling worden aangepast. Deze toepassing is echter niet bij alle patiënten mogelijk. De tumormerker CEA wordt bijvoorbeeld gebruikt voor het vervolgen van de behandeling van dikke darmkanker, maar niet elke patiënt met deze vorm van kanker heeft een verhoogde hoeveelheid CEA.
  • Vaststellen terugkeer kanker: Eén van de meest gebruikte toepassingen van tumormerkers is om vast te stellen of een kanker weer terugkeert. Als de hoeveelheid tumormerker voor behandeling verhoogd is en na behandeling daalt, slaat de behandeling aan. Als de tumormerker daarna echter weer begint te stijgen, is het waarschijnlijk dat de kanker weer terugkeert. Als de tumormerker verhoogd blijft na chirurgische behandeling, is de kans groot dat de kanker niet volledig is verwijderd.
  • Screening: De meeste tumormerkers zijn niet geschikt voor screening van grote bevolkingsgroepen. Sommige zijn wel geschikt om kanker op te sporen bij mensen met een verhoogd risico, bijvoorbeeld omdat kanker bij hen in de familie veel voorkomt. De test op CA 125 bij familiaire eierstokkanker is een voorbeeld.

Wat betekent de uitslag?

De uitslag van een tumormerker alléén is niet voldoende om vast te stellen of iemand kanker heeft. De diagnose kanker wordt gesteld naar aanleiding van microscopisch onderzoek van weefsel of cellen die met een biopt zijn verkregen.

Veel gebruikte tumormerkers en hun toepassing
TumormerkerKankerOverige aandoeningenGebruik
AFP (alfa foetoproteïne) lever; eierstok teelbal ook verhoogd gedurende zwangerschap diagnostiek; volgen behandeling, vaststellen terugkeer kanker
CA-15.3 (kanker antigeen 15.3) borst ook verhoogd bij goedaardige borstaandoeningen onderzoek naar uitzaaiing; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
CA-19.9 (kanker antigeen 19.9) alvleesklier ook verhoogd bij ontsteking alvleesklier en darmontstekingen onderzoek naar uitzaaiing; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
CA 125 (kanker antigeen 125) eierstok ook verhoogd bij endometriose en ontsteking van bijvoorbeeld longvlies, buikvlies en hartzakje diagnostiek; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
Calcitonine schildklier ook verhoogd bij bepaalde vorm van bloedarmoede en ontsteking van de schildklier diagnostiek; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
CEA (carcino embryonic antigeen) dikke darm, rectum, long, borst, schildklier lever, baarmoederhals en blaas verhoogd bij ontsteking aan lever, dikke darm of alvleesklier; COPD; rokers volgen behandeling; controle terugkeer kanker
hCG (humaan chorion gonadotropine) teelbal, eierstok, trofoblastcellen van embryo verhoogd tijdens zwangerschap en soms na de overgang bij vrouwen diagnostiek; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
M-proteïnen ziekte van Kahler; ziekte van Waldenström diagnostiek; volgen behandeling; controle terugkeer kanker
Prolactine hypofyse tumor volgen behandeling
PSA (prostaat specifiek antigeen) prostaat ook verhoogd bij goedaardige prostaatvergroting of prostaatontsteking screening; diagnostiek, volgen behandeling; controle terugkeer kanker
Thyreoglobuline schildklier controle van schildklieroperatie en terugkeer schildklierkanker
iFOBT dikke darm aanwezig bij poliepen aanwezig bij dikke darmkanker

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 06-07-2011

Terug Terug naar het overzicht