Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

Antistoffen tegen GAD

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
diabetes antistoffen, glutamic acid decarboxylase antistoffen, GADA
Officiële naam:
auto-antistoffen tegen GAD65
Verwante testen:
insuline, glucose

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om suikerziekte type 1, ofwel diabetes mellitus type 1 vast te stellen.

Welk materiaal?

Bloed

Monster

Wat wordt getest?

De test bepaalt de hoeveelheid antistoffen tegen glutamic acid decarboxylase (GAD) in bloed. Het gaat hier om zogeheten autoantistoffen gericht tegen de insulineproducerende cellen in de alvleesklier. Normaal maakt het afweersysteem alleen antistoffen tegen binnendringende bacteriën en virussen. Soms gaat er iets mis waardoor antistoffen worden gemaakt tegen eigen cellen, weefsel of organen. Bij deze zogeheten autoantistoffen ontstaan beschadigingen en ontstekingen van lichaamsweefsel en organen, zoals in dit geval de alvleesklier.

De GAD-autoantistoffen richten zich tegen het eiwit glutaminezuur decarboxylase dat betrokken is bij de insulineproductie in de alvleesklier. Deze reactie leidt tot verstoring van de insulineproductie waardoor suikerziekte (diabetes mellitus) type 1 ontstaat. Naast de GAD-antistoffen worden bij diabetes type 1 ook antistoffen gevonden tegen andere eiwitten, zoals IA2-antistoffen en insuline-antistoffen. De test voor GAD-antistoffen heeft de grootste gevoeligheid voor het aantonen van diabetes type 1 bij volwassenen.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

Deze test wordt gedaan bij patïenten met suikerziekte (Diabetes Mellitus, DM), wanneer het onduidelijk is om welk type suikerziekte het gaat.

Er bestaan 2 belangrijke oorzaken voor suikerziekte. Suikerziekte type 1 (DM type 1) is een autoimmuunziekte en ontstaat doordat het afweersysteem de insulineproducerende cellen in de alvleesklier (pancreas) beschadigt. Hierdoor kan de alvleesklier geen of niet voldoende insuline maken om de suiker in het bloed op peil te houden. Dit type suikerziekte ontstaat meestal op jonge leeftijd en wordt ook wel jeugdsuikerziekte genoemd. Daar tegenover staat de veel vaker voorkomende suikerziekte type 2 (DM type 2), die zich meestal op latere leeftijd ontwikkelt. Recent onderzoek wijst uit, dat DM type 1 ook op oudere leeftijd kan ontstaan. Tegelijk kan DM type 2 bij ernstig overgewicht al op jonge leeftijd ontstaan.

In deze gevallen kan de bepaling van GAD-antistoffen uitsluitsel geven over de oorzaak van de suikerziekte. Dit onderzoek wordt in de meeste gevallen uitgevoerd in combinatie met antistoffen tegen IA2.

Wat betekent de uitslag?

Normaal:

De gemeten hoeveelheid GAD-antistoffen is afhankelijk van de testmethode. Daarom variëren referentiewaarden van laboratorium tot laboratorium. Uitslagen boven de afkapgrens worden als positief beschouwd. Uitslagen onder de afkapgrens worden als negatief beschouwd. Afwezigheid van GAD-antistoffen (negatieve uitslag) sluit niet uit dat iemand DM type 1 heeft.

Verhoogd:

Een verhoogde uitslag (positieve uitslag) in een patiënt met suikerziekte is vrijwel zeker een bewijs voor DM type 1. Dit betekent meestal dat de patiënt snel zal moeten beginnen met het spuiten van insuline. De aanwezigheid van GAD-antistoffen of andere diabetes autoantistoffen in gezonde familieleden van een patiënt met DM type 1 betekent dat deze familieleden een verhoogde kans hebben om ook DM type 1 te ontwikkelen. Hoe meer verschillende antistoffen tegelijk aanwezig zijn, hoe hoger de kans is. Er zijn nog geen behandelingen die het ontstaan van DM type 1 kunnen voorkomen. Mensen met een verhoogd risico zullen wel vaker gecontroleerd worden om bij het ontstaan van diabetes vroegtijdig te kunnen behandelen.

IA2-antistoffen worden vaker positief gevonden bij kinderen met DM type 1 en GAD-antistoffen worden vaker positief gevonden bij volwassenen met DM type 1.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 04-07-2011

Terug Terug naar het overzicht