Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

Bloedgassen

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
Astrup
Officiële naam:
bloedgassen
Verwante testen:
elektrolyten, CO2, HCO3-

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om de verhouding zuurstof (O2) en koolstofdioxide (CO2) in het bloed te bepalen en het zuur-base evenwicht te controleren.

Welk materiaal?

Bloed

Monster

Wat wordt getest?

De pH van het bloed neemt af (wordt zuurder) met een toename van de hoeveelheid CO2 in het bloed. De pH neemt toe (wordt basischer) bij een afname van de CO2 of een toename in basische stoffen (zoals bicarbonaat; HCO3-). Veranderingen in zuurgraad ontstaan bij problemen met de longen (respiratoire acidose/alkalose) of bij problemen met de nieren (metabole acidose/alkalose).

Voor de meting van bloedgassen wordt gebruik gemaakt van een bloedmonster uit de slagader of de ader.

Bloed uit de slagader (arterieel bloed) transporteert zuurstof van de longen naar de organen.

Veneus bloed (uit de aders) brengt de koolstofdioxide,die ontstaat bij zuurstofgebruik door de organen, weer terug naar de longen.

Bloedgassen verschillen in de slagaders daardoor sterk van bloedgassen in de aders. Voor de meting van bloedgassen wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van een monster uit de slagader.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Veneus bloed: dit wordt meestal afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, vaak in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

Arterieel bloed: dit wordt meestal afgenomen uit de slagader in de pols. Andere plekken waar arterieel bloed afgenomen kan worden zijn: de slagader in de elleboog of de slagader in de lies. In de slagader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

Bij pasgeborenen die moeite hebben met ademen vlak na de geboorte wordt bloed afgenomen uit de slagader en ader in de navelstreng. In beide bloedmonsters worden daarna de bloedgassen gemeten.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

Bloedgassen worden gemeten wanneer de patiënt klachten heeft die veroorzaakt kunnen worden door een verstoord zuurstof-koolstofdioxide evenwicht of een verstoorde zuur-base balans. Veel acute en chronische ziekten kunnen deze verstoring veroorzaken.

Uitslagen van bloedgassen vertellen de dokter niet direct wat de oorzaak van de verstoring is maar kunnen wel aangeven of het probleem metabool (nierafwijking) is of respiratoir (longafwijking).

Bij patiënten die zuurstof krijgen worden vaak bloedgassen gemeten om het effect van de behandeling te controleren.

Andere omstandigheden waarbij de dokter bloedgassen laat meten:

  • Zuurstoftekort, onbegrepen coma of geestelijke verwarring
  • Onbegrepen benauwdheid, angst, rusteloosheid of agressie
  • Slechte bloeddoorstroming, problemen met de bloeddruk of shock
  • Acute ademhalingsproblemen (bijvoorbeeld na inademen van rook)
  • Vermoeden op complicaties bij suikerziekte
  • Problemen bij longziekten (COPD)
  • Astma ontregeling
  • Problemen van de nieren en de bijnieren
  • Problemen met de lever
  • Vergiftigingen
  • Hoofd- of nektrauma
  • Langdurige anesthesie, met name bij hart- en hersenoperaties

Wat betekent de uitslag?

Referentiewaarden zijn sterk afhankelijk van de gebruikte methode. Deze varieert dus van laboratorium tot laboratorium.

Afwijkende uitslagen voor bloedgassen kunnen wijzen op longproblemen (respiratoir) of op nierproblemen (metabool), waardoor de zuur-base balans verstoord raakt en het bloed te zuur wordt (acidose) of te basisch (alkalose).

  • Respiratoire acidose: een lage pH van het bloed samen met een verhoogd pCO2. Hierbij komt er te weinig zuurstof (O2) in het lichaam en kan de koolstofdioxide (CO2) het lichaam niet goed verlaten. Oorzaken kunnen zijn: longontsteking, chronische obstructieve longaandoeningen (COPD) of een te hoge dosering van narcotica.
  • Respiratoire alkalose: een hoge pH van het bloed samen met een verlaagd pCO2 in het bloed. Dit komt door te veel ademhalen zoals bij situaties als: hyperventilatie, pijn, emotionele stress en sommige longziekten.
  • Metabole acidose:een lage pH samen met een verlaagd HCO3- in het bloed. Oorzaken van een metabole acidose kunnen zijn: diabetes, shock en ernstige nierproblemen.
  • Metabole alkalose: een hoge pH samen met een verhoogd HCO3- in het bloed. Oorzaken van een metabole alkalose kunnen zijn: een te hoog kaliumgehalte in het bloed, langdurig overgeven (verlies van zuur uit de maag) en een overdosis bicarbonaat.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 17-10-2010

Terug Terug naar het overzicht