Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
Find NVKC on YouTubeFind NVKC on FacebookFind NVKC on Twitter

Zoek een test

AFP

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
alfa-foetoproteïne
Officiële naam:
AFP
Verwante testen:
CEA, zwangerschapstest, tumormerkers

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om vast te stellen of klachten veroorzaakt kunnen worden door kanker in de lever, de zaadballen (testis) of de eierstokken (ovaria). Ook om te kijken of de gekozen behandeling voor deze ziekten succesvol is.

Welk materiaal?

Bloed

Monster

Wat wordt getest?

Deze test meet de hoeveelheid alfa-foetoproteïne (AFP) in bloed. AFP is een eiwit dat vooral door de lever van een ongeboren kind wordt gemaakt, waardoor het ook in het bloed van de moeder aanwezig kan zijn.

Na de geboorte en gedurende het verdere leven is er vrijwel geen AFP meer in het bloed aanwezig. AFP in het bloed neemt echter in hoeveelheid toe bij een tumor van de lever, zaadballen of eierstokken en bij zwangerschap.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

De dokter vraagt de AFP-test aan bij vermoeden dat de klachten van een patiënt te maken hebben met leverkanker of kanker van de zaadballen of eierstokken.

De test wordt ook gebruikt om het effect te meten van een gekozen therapie om de kanker te behandelen.

De test wordt ook aangevraagd om patiënten met chronische ontsteking van de lever (hepatitis) of bindweefselvorming in de lever (cirrose) te controleren op het ontstaan van leverkanker.

Wat betekent de uitslag?

Bij gezonde mensen is AFP nauwelijks aanwezig in het bloed. Als een patïent kanker heeft in de lever, zaadballen of eierstokken kan AFP toch normaal zijn. Dit komt doordat niet elke type kankercel AFP aanmaakt.

Normaal

Ter indicatie: de normale hoeveelheid AFP is ongeveer 0 - 20 µg/l bij niet-zwangeren en kinderen ouder dan 1 jaar. Echter, zelden word er fysiologische waarden boven de 10 µg/l gevonden. De referentiewaarden kunnen verschillen tussen laboratoria, afhankelijk van de methode. Ga daarom uitsluitend af op de referentiewaarden van het laboratorium dat het onderzoek heeft uitgevoerd en interpreteer nooit AFP-uitslagen van verschillende laboratoria door elkaar.

Licht verhoogd

Bij zwangere vrouwen kan de hoeveelheid AFP in het bloed licht verhoogd zijn door AFP-aanmaak in de lever van het ongeboren kind. Bij patiënten met leverontsteking of bindweefselvorming in de lever is de AFP-waarde licht verhoogd. AFP blijft dan constant. Als AFP stijgt kan er mogelijk kanker in de lever, zaadballen of eierstokken zijn ontstaan.

Verhoogd

Bij patiënten met kanker van de lever, zaadballen of eierstokken is de AFP-waarde verhoogd. Hoe meer AFP is verhoogd hoe meer kankercellen er aanwezig zijn. Bij een primair levercelcarcinoom kan dit oplopen tot 1.000.000 µg/l. Bij de kiemceltumoren van de testis of ovarium kunnen bij een actief ziekteproces waarden van rond de 100.000 µg/l worden gevonden.

Daling

De hoeveelheid AFP in het bloed van patiënten met kanker in lever, zaadballen of eierstokken daalt als de behandeling effectief is en de kankercellen worden vernietigd.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

© 2018 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 17-10-2010

Terug Terug naar het overzicht