NVKC
Zoeken | Bureau | English | Inloggen
Medisch laboratoriumspecialisten in bloedonderzoek

Organisatie

Registratiereglement

Registratiereglement van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie waarin tevens regels gesteld worden ten aanzien van de opleiding

Artikel 1

In dit artikel worden als ingevoegd beschouwd de bepalingen der statuten en van het rechtspraakreglement, die ter zake van het nabestaande relevant zijn te achten.

HOOFDSTUK I

De registratie

Artikel 2

Het schriftelijke verzoek met de daarbij behorende stukken, bedoeld in artikel 26, lid 1 der statuten, wordt bij de secretaris van de Registratiecommissie ingediend.

Artikel 3

  1. Uit het schriftelijk stuk, genoemd in artikel 26, lid 1, sub a der statuten moet blijken, dat de verzoeker met goed gevolg tenminste het doctoraal examen Chemie, Chemische Technologie, Farmacie, Geneeskunde of Biologie met hoofdrichting Biochemie heeft afgelegd. Bovendien moet worden aangetoond, dat de verzoeker met goed gevolg tenminste een goed gedefinieerde en toetsbare aanvullende tweejarige post doctorale opleiding heeft afgesloten.
  2. De in artikel 26, lid 1, sub b der statuten bedoelde personen en instellingen worden aangewezen door de Registratiecommissie.
  3. De in artikel 26, lid 1, sub b der statuten vermelde opleiding en stage alsmede de daarvoor geldende eisen worden door de Registratiecommissie geregeld, in dier voege dat zij de modaliteiten van de opleiding van elke aspirant klinisch chemicus vaststelt met inachtneming van de statuten en van dit reglement.

Artikel 4

Tot vorenbedoelde eisen behoort:

  1. Het doormaken door de aspirant klinisch chemicus van een stage op een daartoe door de Registratiecommissie erkend klinisch chemisch laboratorium, voor welke erkenning de eveneens in artikel 28 van dit reglement bedoelde eisen gehanteerd worden waardoor ten aanzien van de opleider, het laboratorium en het ziekenhuis waaraan dit laboratorium is verbonden, eisen gesteld worden die een garantie scheppen voor het goede verloop van een opleiding en waarvan de belangrijkste aspecten de volgende zijn:
    1.1 De opleider, die tenminste vijf jaren moet zijn ingeschreven in het Register van Erkend Klinisch Chemici en hoofd van een erkend laboratorium moet zijn, met direkte toegang tot de direktie en verantwoordelijk voor alle vakinhoudelijke en organisatorische zaken, moet op grond van persoonlijke en van vaktechnische kwaliteiten in staat geacht kunnen worden voor een goede opleiding van de aspirant klinisch chemicus gedurende zijn stageperiode te kunnen zorgdragen.
    1.2. Het laboratorium moet wat betreft omvang en diversiteit van het aantal verrichtingen, ruimtelijk, personele en instrumentele voorzieningen als ook wat de organisatie van o.a. kwaliteitsbewaking en administratieve verwerking van de laboratoriumresultaten betreft, voldoen aan de daaromtrent geldende redelijke opvattingen.
    1.3. Het ziekenhuis waaraan het laboratorium verbonden is dient o.a. door aantal en diversiteit van de aanwezige medische specialismen en het in educatief opzicht goed functioneren van de medische staf, voldoende mogelijkheden te bieden om de aspirant klinisch chemicus zich kennis en inzicht in de klinische achtergronden en interpretaties van het laboratoriumwerk te doen verwerven.
  2. De uit al dan niet met anderen door de aspirant erkend klinisch chemicus tot stand gebrachte publicaties blijkende vaardigheid van de betrokkene, klinisch chemische problemen te kunnen beoordelen en wetenschappelijk te kunnen bewerken.
  3. In staat te zijn - naar het oordeel van zijn opleiders - aan klinisch chemische werkzaamheden naar behoren leiding te kunnen geven.

Artikel 5

Het betreffende klinisch chemisch laboratorium dient na vijf jaar en in ieder geval binnen 10 jaar te worden gevisiteerd door de Visitatiecommissie genoemd in Hoofdstuk III. De opleider is verplicht hiertoe na vijf jaar een verzoek in te dienen bij de Registratiecommissie.

Artikel 6

Nadere detaillering van de eisen te stellen aan laboratorium en ziekenhuis worden vastgesteld in hiertoe door de Registratiecommissie uit te vaardigen besluiten. Deze besluiten zullen gepubliceerd worden in het verenigingsblad.

Artikel 7

De duur van de stage, genoemd in artikel 4, beloopt in het algemeen vier jaar. De Registratiecommissie is bevoegd van deze termijn af te wijken indien naar het oordeel van de Registratiecommissie de aspirant klinisch chemicus reeds elders ruime ervaring heeft opgedaan in de zin der opleiding, dan wel in genoemde stagetijd van vier jaar, naar de mening der Registratiecommissie onvoldoende ervaring heeft opgedaan. Enige afwijking van de gestelde termijn van vier jaren zal met motivering ter zake aan de kandidaat en aan zijn opleider worden medegedeeld.

Bijzondere gevallen

Artikel 8
Ten aanzien van de "bijzondere gevallen" bedoeld in artikel 27 der statuten geldt:
De Registratiecommissie is slechts dan bevoegd over te gaan tot erkenning en inschrijving in het Register van een verzoeker, zonder dat deze in staat is de in artikel 26, lid 1, sub a en/of b der statuten genoemde bescheiden over te leggen, indien voor de commissie, nadat haar een verklaring als genoemd in artikel 26, lid 1, sub c der statuten is overlegd en zij het bestuur der vereniging ter zake van het betreffende verzoek heeft gehoord, genoegzaam is komen vast te staan, dat de overlegging van eerstgenoemde bescheiden van de verzoeker in redelijkheid niet kan worden verlangd, en aan de commissie op grond van andere feiten en omstandigheden zal zijn gebleken dat de verzoeker voldoende algemene chemische kennis bezit, de fysiologische chemie of biochemie voldoende beheerst en dat hij daarenboven over een zodanige chemische ervaring beschikt, dat hij geacht moet worden te voldoen aan de vereisten, ten blijke waarvan in andere gevallen de in artikel 26, lid 1, onder a en b der statuten genoemde bescheiden moeten worden overgelegd.

Beslissing en Certificaat

Artikel 9

De Registratiecommissie beslist binnen drie maanden na de ontvangst van een aanvraag om erkenning op die aanvraag.

Artikel 10

  1. Iedere inschrijving van de erkenning van een klinisch chemicus in het register geschiedt onder inachtneming van het bij artikel 25, lid 6 der statuten bepaalde, terstond na het besluit tot erkenning vanwege de Registratie commissie door haar secretaris c.q. diens plaatsvervanger en wordt bevestigd door handtekeningen van haar voorzitter en secretaris, of in het voorkomend geval hun plaatsvervangers. De inschrijving geschiedt op de eerste van de maand, indien de aanvraag binnenkomt vóór de vijftiende van die maand, anders op de vijftiende van de desbetreffende maand.
  2. Iedere erkende klinisch chemicus ontvangt onverwijld een door de voorzitter of door de plaatsvervangend voorzitter en door de secretaris of door de plaatsvervangend secretaris van de Registratiecommissie gewaarmerkt, schriftelijk en gedagtekend bewijs van zijn erkenning en inschrijving in het Register.
  3. De secretaris stelt eveneens onverwijld het bestuur van de NVKC op de hoogte.

Beroep

Artikel 11

  1. Indien de Registratiecommissie besluit een verzoek als bedoeld in artikel 26, lid 1 der statuten of een verzoek als bedoeld hiervoor in artikel 8 af te wijzen, kan de verzoeker binnen een maand, nadat hem het desbetreffende besluit bij aangetekende brief ter kennis zal zijn gebracht, daartegen in beroep komen bij de Rechtspraak commissie. Alsdan wordt een geschil in de zin van artikel 32, lid 2 der statuten juncto artikel 13, lid 1 van het rechtspraakreglement aanwezig geacht, dat wordt berecht met inachtneming van de volgende bepalingen:
    1.1. De Rechtspraakcommissie zal het beroep slechts gegrond verklaren, indien haar zal zijn gebleken, dat de Registratiecommissie de geldende voorschriften ten nadele van de verzoeker niet in acht heeft genomen dan wel in redelijkheid kennelijk niet tot haar besluit heeft kunnen of mogen komen.
    1.2. Indien de Rechtspraakcommissie het beroep gegrond acht, verwijst zij de zaak naar de Registratiecommissie met de opdracht het verzoek van betrokkene met inachtneming van de uitspraak der Rechtspraakcommissie opnieuw in behandeling te nemen en af te doen.
    1.3. De Rechtspraakcommissie beslist niet, dan nadat zij de Registratiecommissie en de betrokkene zal hebben opgeroepen om de Registratiecommissie of een delegatie uit haar midden en de betrokkene omtrent het beroep te horen.

Doorhaling

Artikel 12

  1. De doorhaling der inschrijving geschiedt door de Registratiecommissie:
    1.1. ingevolge een bij aangetekende brief aan de Registratiecommissie gericht daartoe strekkend verzoek van de erkend klinisch chemicus;
    1.2. in geval van overlijden van de betrokkene;
    1.3. ingevolge een uitspraak der Rechtspraakcommissie waarbij die doorhaling wordt bevolen;
    1.4. ingevolge een door het bestuur op een door de Registratiecommissie gegeven advies krachtens het navolgende lid genomen en schriftelijk aan de Registratiecommissie kenbaar gemaakt besluit;
    1.5. ingevolge een door het bestuur krachtens het in artikel 13 hierna bepaalde na de ontvangst van de daar bedoelde mededeling van de Rechtspraakcommissie genomen en onder overlegging dier mededeling schriftelijk aan de Registratiecommissie kenbaar gemaakt besluit.
  2. De Registratiecommissie adviseert het bestuur der vereniging tot de doorhaling der inschrijving van een erkend klinisch chemicus in het register te besluiten, indien aan de Registratiecommissie is gebleken, dat de betrokkene gedurende een periode van vijf jaren de klinische chemie niet meer of in zo geringe omvang heeft uitgeoefend, dat hij in redelijkheid niet langer als klinisch chemicus moet worden aangemerkt.
  3. De Registratiecommissie geeft het vorenbedoelde advies niet, dan nadat zij de betrokkene heeft gehoord, althans behoorlijk heeft opgeroepen om gehoord te worden.
  4. Een besluit van het bestuur als bedoeld in lid 1.4. hiervoor komt tot stand indien de meerderheid der registerleden, leden van het bestuur, zich daarvoor verklaart.
  5. Tegen een besluit van het bestuur als genoemd in lid 1.4. kan de betrokkene binnen een maand, nadat hem het besluit bij aangetekende brief ter kennis is gebracht, in beroep komen bij de Rechtspraakcommissie. Alsdan wordt een geschil genoemd in artikel 32, lid 2 der statuten juncto artikel 13, lid 1 van het rechtspraakreglement aanwezig geacht.

Artikel 13

Het bestuur zal, indien het van de Rechtspraakcommissie een schriftelijke mededeling als bedoeld in artikel 4, lid 2 van het rechtspraakreglement zal hebben ontvangen, besluiten, dat de inschrijving van de betrokkene in het Register wordt doorgehaald.

Artikel 14

  1. De doorhaling van de inschrijving als bedoeld in de vorige artikelen, wordt met inachtneming van het bij artikel 25, lid 6 der statuten bepaalde in opdracht der Registratie commissie geëffectueerd door de gedagtekende doorhaling der inschrijving van de betrokkene in het Register bevestigd door de handtekeningen van de voorzitter en secretaris der Registratiecommissie, respectievelijk hun plaatsvervangers.
  2. De doorhaling ingevolge een besluit als bedoeld in lid 1.4. van artikel 12, geschiedt niet eerder, dan nadat gebleken is, dat geen beroep als bedoeld in artikel 12, lid 4, is ingesteld, of,wanneer dat beroep wel is ingesteld, dan nadat op dat beroep is besloten het besluit van het bestuur niet te vernietigen.

Artikel 15

De doorhaling der inschrijving wordt door de Registratiecommissie bij aangetekende brief medegedeeld aan de betrokkene en aan het bestuur en heeft van rechtswege en gelijktijdig diens verlies der erkenning ten gevolge.

HOOFDSTUK II

Nadere regelingen

Artikel 16

De Registratiecommissie heeft, behalve de in artikel 28, lid 1 der statuten genoemde bevoegdheden en taken, tevens de volgende, alle de opleiding betreffende, bevoegdheden en taken.

  1. Het verlenen van opleidingsbevoegdheid aan daartoe geëigenden. Zij laat zich daartoe adviseren door de Visitatiecommissie. De werkwijze van deze commissie wordt geregeld in een visitatiereglement.
  2. De Registratiecommissie kan zowel een volledige dan wel een partiële opleidingsbevoegdheid verlenen. Evenzeer
    kan zij toestemming geven meer dan één aspirant tegelijkertijd op te leiden, met een maximum van drie.
  3. 1. Indien de Registratiecommissie een mening heeft die in tegenspraak is met het advies van de Visitatiecommissie dan pleegt zij in het algemeen nader overleg met laatstgenoemde commissie alvorens te beslissen.
    2. Zowel aanvrager, directie der instelling als de Visitatiecommissie worden zo spoedig mogelijk van het besluit op de hoogte gesteld.
  4. In het algemeen wordt een opleidingsbevoegdheid voor een periode van vijf jaar verleend, waarna hernieuwde visitatie wordt uitgevoerd.
  5. De Registratiecommissie kan tussentijds een bevoegdheid beëindigen. Uiteraard dient met de belangen van op dit moment in opleiding zijnde aspirant(en) rekening gehouden te worden. Tegen een besluit tot beëindiging van de bevoegdheid tot opleiding kan door de betrokkene in beroep worden gegaan bij de Rechtspraakcommissie conform de procedure als geregeld in artikel 11 van dit reglement.
  6. De Registratiecommissie houdt zich tijdens een opleiding op de hoogte van de stand van zaken. Zij doet dat met behulp van:
    1. rapportage van de Visitatiecommissie;
    2. de gegevens door de opleider en opgeleide jaarlijks te verstrekken middels door de secretaris van de Registratiecommissie aan hen toe te zenden formulieren.

Artikel 17

  1. Een opleidingsoptant dient zich, nadat hij een opleidingsplaats heeft verworven, onverwijld te melden bij de secretaris middels een door deze te verstrekken aanmeldingsformulier.
  2. De opleider dient de voorgenomen opleiding onverwijld bij de secretaris te melden, middels een door deze daartoe te verstrekken formulier. De aanmelding dient vergezeld te gaan van een voorstel voor een opleidingsschema.
  3. De Registratiecommissie beslist binnen twee maanden na ontvangst van de in sub 1 en 2 genoemde formulieren over de modaliteiten van de opleiding, alsmede het tijdstip waarop de stage geacht wordt te zijn ingegaan.

Artikel 18

  1. Ter zake van de uitoefening van hun taak en bevoegdheid van de leden der Registratiecommissie te maken kosten declareren zij ten laste van de vereniging bij de penningmeester der vereniging. Zij ontvangen geen honorering.
  2. Ten laste van de aanvrager ener erkenning wordt ter zake van zijn aanvraag een krachtens een door het bestuur vastgesteld tarief bepaalde heffing door de secretaris der Registratiecommissie in rekening gebracht. Het bedrag dient door de aanvrager te worden voldaan.
  3. Ter zake van het verstrekken van afschriften van het bewijs van erkenning is het in het vorig lid bepaalde van overeenkomstige toepassing.
  4. De secretaris der Registratiecommissie is aangaande de door hem in zijn kwaliteit beheerde penningen rekening en verantwoording verschuldigd aan de penningmeester der vereniging.
  5. De Registratiecommissie doet jaarlijks voor de maand september schriftelijk verslag aan de vereniging omtrent haar verrichtingen in het voorafgaande jaar.

Artikel 19

  1. Voor zover de statuten of dit reglement niet of niet genoegzaam voorzien in hetgeen terzake van de registratie naar het oordeel der Registratiecommissie voorzien moet worden, regelt de Registratiecommissie het (de) betreffende onderwerp(en) voorlopig met inachtneming van de statuten en dit reglement zelf op de wijze als de commissie correct en doelmatig zal oordelen.
  2. Van zodanige regeling stelt de Registratiecommissie het bestuur op korte termijn in kennis onder bijvoeging van een voorstel als bedoeld in artikel 28, lid 3 der statuten.
  3. De voorlopige regeling behoudt haar kracht tot over het betreffende voorstel is beslist. Niet-aanvaarding van het betreffende voorstel heeft geen gevolgen ten aanzien van hetgeen krachtens de voorlopige regeling is geschied.

HOOFDSTUK III

Visitatiecommissie

Samenstelling

Artikel 20

De Visitatiecommissie telt tenminst 9 leden, die door het bestuur van de NVKC worden benoemd.

Artikel 21

De leden der commissie wijzen uit hun midden een voorzitter en secretaris aan en hun plaatsvervangers.

Artikel 22

Het lidmaatschap der commissie is niet verenigbaar met het lidmaatschap van het bestuur der NVKC en met het

lidmaatschap of plaatsvervangend lidmaatschap van de Registratiecommissie en van de Rechtspraakcommissie.

Artikel 23

Het lidmaatschap der Visitatiecommissie geldt voor een periode van drie jaar, waarna éénmaal herbenoeming mogelijk is.

Taak der commissie

Artikel 24

De Visitatiecommissie heeft tot taak om, op verzoek van de Registratiecommissie, en overeenkomstig door deze vastgestelde regels, een onderzoek in te stellen naar en van advies dienen over erkende en nog te erkennen opleiders en hun opleidingsinrichtingen.

Artikel 25

De commissie komt tenminste vier maal per jaar bijeen en voorts zo dikwijls als dit door de voorzitter wordt nodig geacht, of wanneer drie leden van de commissie het verlangen daartoe te kennen geven.

Artikel 26

De bijeenroeping geschiedt door de secretaris, onder vermelding van de te behandelen agendapunten.

Artikel 27

Eenmaal per jaar wordt door de secretaris een overzicht gegeven van de activiteiten van de Visitatiecommissie over een periode die per 31 juli wordt afgesloten.

Voorschriften voor de visitaties

Artikel 28

De plenaire Visitatiecommissie, c.q. de door haar uit haar midden aangewezen visitatoren onderzoeken en beoordelen - op verzoek van de Registratiecommissie - bij elke aanvraag tot opleidingsbevoegdheid, of de opleider, het opleidingslaboratorium en de instelling waarmee het laboratorium verbonden is voldoen aan de eisen zoals deze door de Registratiecommissie zijn vastgesteld.

Artikel 29

  1. Op verzoek van de Registratiecommissie wordt zo spoedig mogelijk en in elk geval binnen drie maanden nadat een aanvraag om opleidingsbevoegdheid bij de Registratie commissie is ingediend, een visitatie geregeld.
  2. De Registratiecommissie zendt de aanvraag binnen een maand na ontvangst aan de secretaris van de Visitatiecommissie terwijl aan de aanvrager de gebruikelijke aanmeldingsformulieren ter invulling worden toegstuurd.

Artikel 30

  1. Nadat het verzoek tot visitatie is binnengekomen zendt de secretaris der Visitatiecommissie aan de aanvrager en aan de directie der betreffende instelling de door deze in te vullen visitatieformulieren toe en deelt de namen van de visitatoren en de datum van de visitatie mede.
  2. Deze formulieren dienen tenminste één week voor de visitatie plaatsvindt in bezit te zijn van de visitatoren.
  3. De aanvrager c.q. de directie hebben het recht om tegen één of meer visitatoren bezwaar te maken bij de Registratiecommissie.
  4. Indien de Registratiecommissie het gemaakte bezwaar gegrond acht, doet zij hiervan mededeling aan de Visitatiecommissie met het verzoek degene(n) tegen wie bezwaar is gemaakt, te vervangen.

Artikel 31

De visitatoren houden bij de visitatie besprekingen met de aanvrager, met de directie der instelling en met de betrokken aspirant klinisch chemicus. Deze besprekingen dienen afzonderlijk te worden gehouden.

Artikel 32

De visitatoren c.q. de plenaire Visitatiecommissie zijn gehouden geen mededelingen te verstrekken of een oordeel uit te spreken over zaken de visitatie betreffend, behoudens in het geval dat er beroep is aangetekend tegen een beslissing der Registratiecommissie betreffende de opleiding. De verplichting geldt dan niet t.o.v. de Commissie van Beroep.

Artikel 33

De Visitatiecommissie zendt het rapport binnen drie maanden nadat de visitatie heeft plaats gehad, aan de Registratiecommissie tezamen met een door de voorzitter en secretaris der Visitatiecommissie ondertekend schrijven waarin het oordeel en het advies der plenaire Visitatiecommissie - eventueel voorzien van een minderheidsrapport - is vervat.

Artikel 34

Het visitatierapport is het eigendom der Registratiecommissie Zolang de Registratiecommissie nog geen beslissing heeft genomen, mag noch het rapport noch het advies en oordeel der Visitatiecommissie ter kennis van anderen worden gebracht; daarna is het voor de betrokken aanvrager ter inzage.

Artikel 35

De Registratiecommissie behandelt in een plenaire vergadering de in artikel 29 bedoelde rapporten onder toepassing van de betreffende artikelen uit het registratiereglement en met inachtneming van de onder artikel 3 genoemde eisen.

Artikel 36

Indien de Registratiecommissie in afwijking van het oordeel van de Visitatiecommissie van mening is dat een opleidingsbevoegheid wel of niet kan worden verleend, pleegt zij nader overleg met de Visitatiecommissie, waarna de Registratiecommissie een beslissing neemt.

Artikel 37

De Registratiecommissie stelt nadat zij een beslissing genomen heeft hiervan de aanvrager, de directie der instelling en de Visitatiecommissie in kennis.

Artikel 38

De kosten welke door de Visitatiecommissie en de visitatoren ten behoeve van de visitatie worden gemaakt, worden ten laste gebracht van de kas der N.V.K.C.

Dit reglement is aldus laatstelijk vastgesteld in de ledenvergadering van 15 april 1987.

Wij nemen uw bloed serieus!

The increasing role of Mass Spectrometry

Alpe d`HuZes

Proeftentamen verdiepingsfase 2012

Basistetamen juni 2012

PAOKC Ouderengeneeskunde

Best Practices Code Groed Gebruik

Kwaliteitscursus 2012

2nd EFCC-UEMC Congress

Euromedlab 2013

SKML Congres de juiste score

Worldlab 2014

PAOKC E-learning

BANNER FMLS Stichting Federatie Medisch LaboratoriumSpecialismen